Obesitas wordt omschreven als “een chronische ziekte waarbij een zodanige overmatige vetstapeling in het lichaam bestaat dat dit aanleiding geeft tot gezondheidsrisico’s” (PON, 2010, p. 19). De overmatige vetstapeling wordt veroorzaakt door een verstoring in de energiebalans, de hoeveelheid voedsel die wordt geconsumeerd overstijgt de hoeveelheid die nodig is voor de lichamelijke activiteit. Obesitas is sinds 1998 officieel geregistreerd als chronische ziekte.
Met de ‘Body Mass Index’ (BMI) kan de verhouding tussen de lengte en het gewicht van een persoon worden berekend. Deze berekening geeft een goede indicatie of er sprake is van (ernstig) overgewicht. Bij een BMI tussen de 18,5 en de 25 is sprake van een gezond gewicht, bij een BMI tussen de 25 en de 30 heeft men overgewicht en een BMI van 30 of hoger betekent dat men obesitas heeft. Wanneer de BMI 40 of hoger is spreken we van morbide obesitas, ofwel ziekelijk overgewicht. Ook bij een BMI van 35 kan er sprake zijn morbide obesitas, indien zich door overgewicht veroorzaakte gezondheidsklachten voordoen. Hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan diabetes, gewrichts-problemen, hoge bloeddruk en hart- en vaatziekten.
Sinds 1980 is het aantal mensen met ernstig overgewicht (obesitas) verdubbeld. In 2008 had 10% van de mannelijke wereldbevolking last van obesitas en ruim 14% van de vrouwen. In Nederland had in 2009 11% van de mannen en 12% van de vrouwen obesitas.
De gevolgen van het overgewicht en de gezondheidsklachten voor mensen met obesitas zijn vergaand. Het veroorzaakt een achteruitgang van de kwaliteit van leven. Dagelijkse activiteiten worden erg moeilijk of zelfs onmogelijk. Verder spelen vaak psychische problemen een rol. Een laag zelfbeeld, weinig zelfvertrouwen en depressiviteit komen vaak bij obese mensen voor. Naast de persoonlijke problemen vormt obesitas ook een steeds groter maatschappelijk probleem. Zo wordt tegenwoordig 10% van de ziektelast in Nederland veroorzaakt door obesitas of aan overgewicht gerelateerde gezondheidsklachten, waardoor er sprake is van een aanzienlijke toename van aan obesitas gerelateerde zorgkosten.
Zwaarlijvigheid is over het algemeen een resultaat van een combinatie van factoren. Een aantal mogelijke factoren zijn:
Als maat voor overgewicht wordt de Body Mass Index of Quetelet Index algemeen gebruikt. Deze index is zeer eenvoudig te berekenen: deel het gewicht in kilogram door de lengte in het kwadraat (lengte in meters).
Klik hier om uw eigen BMI (of dat van uw kind) te berekenen.
Er zijn verschillende operaties mogelijk, de één effectiever dan de andere en elk met eigen voor- en nadelen.
Onderstaand in het kort de operatietechnieken:
1. Maagband
2. Gastric Bypass
3. Gastric Sleeve
De maagband is een siliconenbandje dat door middel van een kijkoperatie net onder de slokdarm rond de maag wordt geplaatst. Het bandje zorgt ervoor dat de maag in feite wordt verdeeld in een kleine “voormaag” en de rest van de maag. Hierdoor kunt u minder eten, zit u sneller vol en houdt u langer een verzadigingsgevoel.
De maagband heeft aan de binnenkant een opblaasbare ballon die rond de maag wordt geplaatst. Hiermee kan de doorsnede van de maagband na de operatie worden aangepast: hoe nauwer de band, des te sneller een vol gevoel ontstaat en hoe langzamer het voedsel de maagband passeert. Het bijvullen – en dus nauwer maken – van de band gebeurt door het inspuiten van vocht (zoutwateroplossing) via de injectiepoort die aangebracht is onder de huid en in die verbinding staat met de band via een slangetje.
Het team dat u begeleidt bepaalt, afhankelijk van het verloop van uw gewichtsverlies, of, wanneer en hoeveel uw maagband moet worden bijgevuld. Hierbij wordt niet alleen gekeken naar wat voor u optimaal gewichtsverlies oplevert, maar ook naar wat nog prettig is. Bijstellingen van de maagband vinden plaats op de vestiging van de Nederlandse Obesitas Kliniek waar u behandeld wordt.
Ten tijde van een zwangerschap kan de ballon via dezelfde methode leeg worden gemaakt. Doordat het lichaam niet wordt veranderd is het in ervaren handen een relatief eenvoudige ingreep die bovendien in zeldzame gevallen ook weer ongedaan kan worden gemaakt. Met een maagband verliest men gemiddeld 40-50% van het overtollige gewicht.
Mogelijke nadelen van de ingreep:
Dit is een grote ingreep waarbij de maag definitief wordt verkleind. Bovendien wordt een deel van de dunne darm uitgeschakeld voor de opname van voedsel waardoor er minder voedsel kan worden opgenomen. Hierdoor kan een verlies van overtollig gewicht van 60 -75% worden bereikt. Doordat er door de chirurg twee nieuwe verbindingen moeten worden gemaakt is het risico op complicaties (vooral naadlekkage) groter dan bij de maagband. Echter de operatie kent op de langere termijn juist minder complicaties. Deze techniek wordt vooral toegepast bij zware mensen (BMI> 45-50) en bij mensen die veel zoete of vloeibare calorieën eten. Ook suikerpatiënten en patiënten met veel maagzuur zijn meer gebaat bij een gastric bypass.
Mogelijke nadelen van de ingreep:
Bij een sleeve operatie verwijdert de chirurg over de lengterichting een groot deel van de maag. De maag (normaal 1,5 liter) wordt hierdoor een soort buis met een veel kleinere inhoud, maar de oorspronkelijke uitgang van de maag blijft behouden. Ook het spijsverteringskanaal blijft intact. Uw maagreservoir heeft een inhoud van 100 tot 150 cc. Zo krijgt u al een gevoel van voldaanheid na het eten van een kleine hoeveelheid voedsel. Het is een ingreep met relatief weinig risico die vooral wordt gebruikt voor zwaardere patiënten. Deze procedure wordt vaak gebruikt indien er complicaties zijn
ontstaan met de maagband. De vermagering treedt meestal op in de eerste zes tot negen maanden na de operatie. Ook wordt deze ingreep gebruikt om eerst gewichtsreductie te bewerkstelligen bij zeer zware patiënten, waar zo nodig in tweede instantie een gastric bypass operatie kan volgen.
Mogelijke nadelen van de ingreep: